Beginpagina

Informatie/contact

Laatste nieuws

307 in Amsterdam
307 in dienst gesteld

Restauratieprojecten

Specialiteiten

Diversen

Projecten voor anderen

Links

...

Pegamoid bekleding

Omdat er de laatste tijd regelmatig vragen over dit onderwerp bij ons binnenkomen, hierbij een korte beschrijving van onze pegamoidimitatie, zoals die in de Amsterdamse 72 (HTM 2) en 307 en in de Haagse 77 is aangebracht.

Pegamoid was een op basis van een linnen drager vervaardigd leerdoek, dat voor de kunststofproducten op de markt kwamen voor allerlei doeleinden werd gebruikt. In de oudste generaties elektrische trams werd het gebruikt als plafondbespanning, maar ook in treinstellen en de Amsterdamse drieassers was het aan te treffen en wel als "plakdoek", waarmee de zijwanden werden verfraaid. Dit laatste doek was voorzien van een ingeperste leerachtige structuur, terwijl de oude versie een fijn bloempatroontje vertoonde. Pegamoid wordt al jaren niet meer gemaakt. Een van de laatste fabrieken zou in Vilvoorde (B) hebben gestaan. Deze fabriek sloot, naar verluidt, zo’n dertig jaar geleden de poorten. Ook in Engeland is pegamoid nog lange tijd vervaardigd, maar ook daar is het product al lang niet meer verkrijgbaar. Om de plafonds van bovengenoemde rijtuigen van een gepaste bekleding te kunnen voorzien, was een imitatie noodzakelijk. Na enig experimenteren kwamen wij tot de volgende methode:

Op de houten plafondbeschieting wordt een laag vlies van ca 1 cm. dik geplakt. De randen houd ik daarbij open, omdat de deklatjes anders later niet goed zitten en het vlies zich bij het boren van schroefgaatjes om de boor wikkelt. Vroeger werd als onderlaag waarschijnlijk molton gebruikt, dat met beenderlijm op het hout werd geplakt. We hebben de eerste keer –bij de 307- een speciale lijm gebruikt, die met een lijmkam werd aangebracht, maar de laatste keren stond stoffeerders spuitlijm ter beschikking, die goed voldeed. Voor de bespanning kozen we een katoenen stof met ingeweven patroon, dat het originele figuurtje zo veel mogelijk benaderde. We kochten deze stof bij Bruggeman in Landsmeer, een leverancier van kwaliteitsstoffen. Kwaliteit is van belang, daar de levensduur van het uiteindelijke resultaat er van af hangt. Het doek wordt op het plafond gespannen en rondom vastgezet. Vroeger met kopspijkertjes, maar wij hebben voor het gemak maar nieten gebruikt, het betreft immers een imitatie, zodat alleen uiterlijke originaliteit werd nagestreefd.

Het doek wordt nu gegrond met gesso uit de kunstschilderswinkel. De gesso moet goed uitgestreken en in het doek gewerkt worden om het weefsel te dichten, echter zonder dat het relief verloren gaat. Na droging wordt het geheel in de gewenste kleur geschilderd met kunstschildersacryl. Deze verf blijft soepel en het doek voelt aan als echt leerdoek. De kleur werd zelf gemengd op basis van wit, met toevoeging van kleine hoeveelheden oker geel, bronsgroen en zwart. Tenslotte is ter bescherming en om (voorzichtige) reiniging met een vochtige spons mogelijk te maken een laag zijdematvernis aangebracht. De materialen kochten we bij Peter van Ginkel en Van Beek, de verfproducten waren van het "Huismerk". Het verdient aanbeveling op een restje stof te oefenen. De verf heeft de neiging bij droging na te donkeren, dus een kleurproef is nuttig en noodzakelijk.

De gesso en de verf drogen snel, zodat het hele werk in een paar dagen kan worden gedaan.

Het resultaat is bedrieglijk echt. Omtrent de houdbaarheid op lange termijn valt nog weinig te zeggen, maar het eerste plafond dat we zo behandelden lijkt na zes jaar geen achteruitgang te vertonen. Opgemerkt moet worden, dat de wagen waarin het is aangebracht enkele maanden in vochtige omstandigheden stond opgeborgen en daarna enige jaren in de remise Scheveningen (op steenworp afstand van de zee) verbleef. Deze wagen is echter nog niet in exploitatie geweest. Het tweede plafond dat we op deze manier aanbrachten is in een wagen die inmiddels in gebruik is genomen. Na een jaar exploitatie blijkt ook dit plafond zich prima te houden.

Thonis van der Weel