307 in Amsterdam
307 in dienst gesteld
Restauratieprojecten
Specialiteiten
Diversen
Projecten voor anderen
Wist u dat de oudere Amsterdamse wagens zelfs voorzien waren van olielampjes? Enerzijds was dit natuurlijk een restant uit de paardetramtijd, maar ook voor de electrische aanhangwagens had het een doel: buiten de spitsuren werden de aanhangwagens aan de eindpunten afgekoppeld en op een zijspoor geparkeerd. Deze werden dan later allen aangekoppeld aan een rangeerwagen en in een lange sleep naar de remise gebracht. Voor de middagspits werden ze dan weer klaargezet zodat iedere motorwagen aan het eindpunt weer een bijwagen kon oppikken. Hier en daar stonden de wagens echt midden op straat, en enige verlichting was in de donkere winter dan wel nodig, zeker met de donkerblauwe kleur van de wagens en de geringe straatverlichting uit die tijd. Bij de wagens met dichtgebouwde balkons was het overigens een stuk minder effectief dan bij de paardetrams met open balkons en na de Grootbordesbijwagens werd het niet meer toegepast.
De olielampjes waren in het interieur in een kastje ingebouwd met een glazen lens in het balkonschot, zodat het interieur verlicht werd en enig licht naar buiten scheen zodat het overige verkeer kon zien dat daar een wagen stond. Op het dak waren de kastjes voorzien van een klein schoorsteentje om de warmte en petroleumdampen af te voeren.
![]() | ![]() |